Elke keer als ik een pak koffie openmaak moet ik denken aan mijn eerste baas. In 1987 leerde hij mij hoe ik handig een pak koffie kon openknippen en de koffie in de voorraadpot kon gieten. Hij maakte er een ware show van en sprak de woorden: ja meissie, jij zal járen plezier hebben van deze les. En inderdaad meneer Van Dis: bij elk pak koffie denk ik aan u. Oók omdat ik nog steeds de waardepunten van Douwe Egberts uitknip en bewaar, zoals bij uw les was inbegrepen.

Volgens mij knipt werkelijk iedereen de punten uit de koffie- en theeverpakkingen van DE. (Weggooien is zonde he.) Vervolgens gaan die braaf in een doosje om een leuk DE-artikel bij elkaar te sparen. De ellende van die punten is echter: je moet er zo belachelijk veel hebben voordat je ze kan inruilen voor iets écht leuks.

In 2012 las ik over een grote inzameling van DE-punten door een Lionsclub. In samenwerking met DE ruilden de Lions miljoenen ingezamelde punten in voor duizenden pakken koffie die aan voedselbankpakketten werden toegevoegd. Een prachtig initiatief. De actie was zo’n succes dat hij in 2013 werd herhaald en dit jaar opnieuw wordt gehouden.

Ook bij mij lagen enorm veel punten stoffig te worden in de la. Maar, hóe confronterend, ze ‘zomaar’ weggeven vond ik best een stap. Ik heb serieus eerst nog tijd gestoken in het doorpluizen van de DE-gids en een inschatting gemaakt van het aantal punten dat ik had. Alsof ik niets beters te doen had. Alsof ik geen geld heb om een nieuw kopje te kopen. Alsof ik überhaupt kopjes, schoteltjes of taartvorkjes nodig heb. Alle punten zijn dus naar de Lions gegaan…

Waarom ik dit schrijf? Wij mensen doen veel uit gewoonte, zoals we geprogrammeerd zijn in het leven. Soms zijn er momenten dat je je daarvan bewust wordt. En dat je je zou moeten afvragen: wat voegen die gewoontes eigenlijk toe? Waar gáát het eigenlijk over. Nu over DE-punten, dûh. Maar het kan ook gaan over het bewaren van kindertekeningen, losse sokken, folders voor een dagje uit, loonstroken, enzovoort. Need I say more?